Een goede vraag stellen aan AI: waarom één zin bijna nooit genoeg is
Een AI weet niets van jouw situatie, tenzij je die vertelt, en vult alles wat je weglaat in met het gemiddelde. Een goede vraag zegt wie je bent, voor wie het is, wat je al hebt, hoe het moet klinken en hoe lang het mag zijn. Dat kost een minuut extra en scheelt meestal een paar rondes verbeteren.
“Schrijf een mail aan een klant over mijn prijzen” levert een mail op die bij elk bedrijf zou passen. Dat ligt niet aan de AI, maar aan wat die te weten krijgt. Een taalmodel vult alles wat je niet zegt in met wat het meest waarschijnlijk is, en het meest waarschijnlijke is het gemiddelde. Een goede vraag haalt dat gemiddelde weg. Hieronder staat wat erin hoort, met een uitgewerkt voorbeeld. Aan het eind lees je wanneer een korte vraag juist prima is.
Waarom één zin een gemiddeld antwoord geeft
Een AI-assistent zoals Claude of ChatGPT bouwt zijn antwoord op uit wat bij jouw vraag waarschijnlijk is. Staat er weinig in je vraag, dan is er weinig om op te sturen, en krijg je de versie die bij iedereen past. Zo’n antwoord is netjes en beleefd, maar er staat niets in wat over jou gaat.
Vergelijk het met iemand die vandaag voor het eerst voor je werkt. Die is slim en snel, maar weet niets van je bedrijf of van hoe jij schrijft. Zeg je alleen “schrijf een mail over mijn prijzen”, dan gaat ook die gokken. Anthropic, de maker van Claude, geeft dezelfde raad in zijn eigen uitleg over goede vragen: zeg precies wat je wilt, en vertel erbij waarom, zodat het model begrijpt waar het om gaat.
Dat “waarom” wordt vaak vergeten. “Hooguit 100 woorden” is een regel. “Hooguit 100 woorden, want de meeste klanten lezen mijn mails op hun telefoon” is een regel met een reden, en met die reden kiest de AI ook bij de rest van de tekst beter.
Wat erin hoort
Een goede vraag aan AI bestaat uit dezelfde dingen die je een nieuwe collega zou vertellen. Je hebt ze niet altijd allemaal nodig, maar valt een antwoord tegen, dan ontbreekt er meestal een.
- Context. Wie je bent en wat er speelt. “Ik ben trouwfotograaf en werk alleen” verandert het hele antwoord.
- Voor wie. Wie het leest, en wat die daarna moet doen of weten.
- Wat je al hebt. Je prijzen, je aantekeningen, een oude versie, de mail waarop je antwoordt. Wat je niet geeft, gaat de AI zelf invullen.
- Een voorbeeld. Een paar zinnen van jezelf die laten zien hoe het moet klinken. Dat werkt beter dan “luchtig maar professioneel”, want wat luchtig is, verschilt per persoon.
- De vorm. Hoe lang, voor welk kanaal, je of u, als lopende tekst of als lijstje.
Twee zinnen maken het af. De eerste zegt wat je niet wilt, want zonder die grens kiest de AI het gangbare, en het gangbare is vaak precies wat je wilde vermijden. De tweede geeft een uitweg: “Weet je iets niet, vraag het me dan.” Volgens de handleiding van Anthropic helpt juist die toestemming om twijfel toe te geven tegen verzonnen antwoorden.
Een voorbeeld: voor en na
Neem als voorbeeld Lotte, trouwfotograaf in Utrecht. Een bruidspaar mailt dat ze in juni trouwen en vraagt naar haar prijzen. Lotte heeft weinig tijd en typt:
Schrijf een antwoord aan een bruidspaar met mijn prijzen.
Ze krijgt een enthousiaste mail die op elke fotografensite zou kunnen staan, met woorden als “onvergetelijk” en “jullie mooiste dag”, en misschien zelfs met prijzen die de AI zelf heeft bedacht. Op wat het paar eigenlijk vroeg, gaat de mail niet in.
De tweede keer neemt ze twee minuten:
Ik ben trouwfotograaf in Utrecht en werk alleen. Een bruidspaar mailt dat ze in juni trouwen met ongeveer veertig gasten. Ze willen vooral foto’s van de ceremonie en portretten van hen samen, en vragen wat ik kost. Schrijf een antwoord waarin ik mijn twee pakketten noem en voorstel om eerst een keer te bellen. Mijn pakketten zijn Ceremonie (twee uur, [prijs]) en Hele dag (van de voorbereiding tot het feest, [prijs]). Zo begin ik mijn mails meestal: “Wat leuk dat jullie aan mij denken. Ik vertel jullie graag hoe ik werk.” Schrijf in de je-vorm, hooguit 150 woorden, zonder uitroeptekens en zonder woorden als onvergetelijk of magisch. Laat de prijzen als [prijs] staan, die vul ik zelf in. Weet je iets niet, vraag het me dan.
Het antwoord is nu een mail die ingaat op wat het paar vroeg, met haar eigen opening en haar twee pakketten, en die eindigt met een voorstel om te bellen. Lotte leest hem na, vult de prijzen in en verstuurt hem.
Kijk wat er in die tweede vraag gebeurt. De eerste zin geeft context. De zinnen over het bruidspaar zeggen voor wie het is en wat ze willen. De pakketten zijn wat Lotte al heeft, zodat er niets verzonnen hoeft te worden. Haar openingszin is het voorbeeld. De lengte en de je-vorm bepalen de vorm, samen met de woorden die ze niet wil. En de laatste zin geeft de AI een uitweg als er iets ontbreekt. De vraag is een stuk langer, maar ze had hem in twee minuten getypt, en de eerste versie is meteen bijna goed.
Laat de AI eerst vragen stellen
Soms weet je zelf nog niet precies wat je wilt, bijvoorbeeld bij de tekst voor je homepage of het plan voor een nieuwe dienst. Draai het dan om. Vraag de AI om jou eerst vragen te stellen, één tegelijk, en pas te beginnen als jij zegt dat het genoeg is. Dan haalt hij op wat hij nodig heeft, en merk je zelf waar je nog niet over had nagedacht. Bij groter werk, zoals een eigen platform, is zo’n interview het begin van een goede beschrijving. Daarover gaat Van idee naar specificatie.
Een tussenvorm werkt ook: plak je vraag en vraag eerst wat er nog ontbreekt. “Zeg wat je nog mist om dit goed te doen, en beantwoord de vraag nog niet.” Dat kost één bericht en levert vaak precies de context op die je vergat.
Wanneer een korte vraag genoeg is
Niet elke vraag hoeft een halve pagina te zijn. “Wat is het verschil tussen een offerte en een factuur?” is prima zoals hij is, want het antwoord is voor iedereen hetzelfde. Een lange vraag loont als het antwoord over jou moet gaan, bijvoorbeeld omdat het naar een klant gaat.
Valt een antwoord tegen, stel dan niet dezelfde vraag opnieuw. Kijk welk onderdeel ontbrak en vul dat aan in je volgende bericht: “Te formeel, het is een vaste klant die ik al jaren ken. Houd de eerste alinea, de rest mag korter.” Zo wordt de volgende versie beter in plaats van alleen anders. Hoe je dat bij mails doet, met je eigen toon erbij, lees je in Mails schrijven met AI.
Merk je dat je steeds dezelfde achtergrond intypt, zoals wie je bent en hoe je schrijft, leg dat dan één keer vast. Dat kan in de instructies van een project of in een skill. Hoe dat werkt, staat in Je vaste werkwijze vastleggen voor AI.
Een goede vraag maakt een antwoord trouwens niet vanzelf waar. Ook met alle context kan een AI een feit verkeerd hebben. Als je weet waarom dat gebeurt, zie je ook beter waar je moet opletten. Feiten kijk je dus altijd na, hoe goed de vraag ook was.
Pak een vraag die je deze week aan een AI stelde en waarvan het antwoord tegenviel. Schrijf hem opnieuw met de vijf onderdelen erin, plus wat je niet wilt en de uitweg, en leg de twee antwoorden naast elkaar. Je ziet dan zelf hoeveel er verandert als de AI weet over wie en waarvoor het gaat.
Foto bovenaan: MART PRODUCTION via Pexels