Een persoonlijke website maken die bij je past
Een persoonlijke website heeft weinig nodig: wie je bent, wat je doet en voor wie, voorbeelden van je werk en één duidelijke manier om je te bereiken. Vaak is één lange pagina genoeg. Schrijf eerst op voor wie de site is en gebruik je eigen woorden en foto's, dan heeft een bouwer, ook een AI, alles wat hij nodig heeft.
Een persoonlijke website is de enige plek online die echt van jou is. Op Instagram of LinkedIn ben je te gast: het platform bepaalt wie je bericht ziet, en na een paar dagen zakt het weg. Je eigen site heeft een vast adres dat je overal kunt noemen, en jij bepaalt wat erop staat. Hij heeft ook minder nodig dan de meeste mensen denken.
Begin bij voor wie hij is
Voordat er iets gebouwd wordt, schrijf je in één zin op voor wie je site is. Daaronder zet je wat die bezoeker na het kijken moet doen. Kies één handeling, zoals je mailen of een proefles afspreken. Alles op je site werkt daarnaartoe.
Neem als voorbeeld Lotte, fotograaf in Haarlem. Ze fotografeert mensen aan het werk, in bakkerijen en werkplaatsen. Haar zin luidt: “Voor bedrijven en redacties in de regio Haarlem die een fotograaf zoeken.” Na het kijken moeten ze haar mailen. Met die twee regels kan ze bij elke foto en elke alinea nagaan of die daarbij helpt. Twijfelt ze over een blok, dan vraagt ze zich af of het een redactie dichter bij een mail brengt.
Wat erop moet, en wat niet
Elke persoonlijke site heeft dezelfde kern, wat je ook doet:
- wie je bent, met je naam en een echte foto van jezelf
- wat je doet en voor wie, in één zin die iedereen begrijpt
- bewijs: een selectie van je werk, of wat anderen erover zeggen
- hoe iemand je bereikt, met een mailadres en eventueel een telefoonnummer
- één duidelijke volgende stap, bovenaan en onderaan de pagina
Wat je weglaat, telt net zo zwaar. Neem alles wat je ooit gemaakt hebt: tien sterke foto’s zeggen meer dan honderd gemiddelde, en een bezoeker onthoudt je zwakste werk net zo goed als je beste. Een nieuwspagina die je niet bijhoudt, laat vooral zien dat er al lang niets gebeurt. Werk je vanuit huis, dan is je plaats of regio genoeg en hoort je huisadres er niet op. En een ingebouwd blok met je Instagram-berichten laat de browser van elke bezoeker contact leggen met dat platform, en maakt je site trager. Een gewone link naar je account doet hetzelfde werk.
Eén pagina is vaak genoeg
Voor de meeste persoonlijke sites werkt één lange pagina goed. Op een telefoon is scrollen het meest natuurlijke wat er is, en je hebt maar één pagina bij te houden. Een volgorde die vaak werkt: bovenaan je zin en je knop, dan je werk, dan een stuk over jou, eventueel wat anderen zeggen, en tot slot hoe je bereikbaar bent.
Meer pagina’s worden zinvol als er te veel is voor één blok. Lotte heeft vier series van elk tien foto’s. Op haar voorpagina staat van elke serie één foto, die naar een eigen pagina met de hele serie leidt. Ook als je bezoekers met heel verschillende vragen hebt, of als je regelmatig iets gaat schrijven, helpt een eigen pagina per onderwerp. Speelt dat niet, houd het dan bij één.
Teken je indeling eerst op papier, als een smalle strook zoals een telefoonscherm. Op een smal scherm staat alles onder elkaar, en daar moet je echt kiezen wat eerst komt. Klopt de volgorde op een telefoon, dan is een groot scherm daarna makkelijk.
Teksten en foto’s van jezelf
Over jezelf schrijven is lastig. Het wordt stijf (“Mijn naam is Lotte en ik ben een gepassioneerde fotograaf”) of zo bescheiden dat niemand snapt wat je kunt. Begin met wat je voor je lezer doet, en gebruik feiten in plaats van mooie woorden, zoals hoe lang je het al doet en voor wie je werkt. Vraag je een AI zonder meer om “een tekst over mij”, dan krijg je het gemiddelde van duizenden van zulke teksten. Laat Claude je liever interviewen en daarna een versie maken die dicht bij je eigen woorden blijft. Hoe dat gaat, staat in Websiteteksten met AI die klinken als jij.
Voor foto’s geldt hetzelfde: echt werkt beter dan mooi. Een portret bij daglicht, door iemand anders gemaakt, zegt meer dan een logo. Foto’s die een ander van je heeft gemaakt, zijn in principe van die maker, dus vraag of je ze mag gebruiken. Staan er andere mensen herkenbaar op je foto’s, dan geldt de privacywet. Je hebt dan een grondslag nodig om ze te publiceren, en volgens de Autoriteit Persoonsgegevens is dat in de meeste gevallen de toestemming van wie erop staat. Lees bij twijfel de uitleg van de AP over beeldmateriaal. Hoe je foto’s klein en snel maakt, en zonder verborgen gegevens, staat in Foto’s voor je website.
Laten bouwen zonder dat het generiek wordt
Met Claude Code op je eigen server bouwt een AI de site, en ben jij de opdrachtgever. Leg eerst vast wat altijd geldt, in een bestand CLAUDE.md in de map van je site. Claude leest dat aan het begin van elke sessie. Zet erin voor wie de site is en hoe hij er niet uit moet zien. Veel sites die met AI zijn gemaakt, hebben een crèmekleurige achtergrond met koppen in een sierletter; schrijf je dat onder “Niet”, dan kiest Claude iets anders. Zet er ook in dat Claude je teksten niet zonder overleg verandert en nooit citaten of cijfers verzint.
Vraag daarna om een plan voordat hij bouwt. Geef je schets en je teksten mee, en lees wat hij van plan is. Zo merkt Lotte op tijd dat Claude een contactformulier wil toevoegen, terwijl ze alleen een knop wil die het mailprogramma van de bezoeker opent. Na de eerste versie zet je de site online:
sudo publish mijndomein.nl ~/sites/mijndomein.nl
Bekijk hem op je telefoon, met de wifi uit, en zeg precies wat er anders moet: “De opening is te druk. Haal de tweede zin weg en maak mijn portret groter. Het blok Werk is goed.” Eén ding per keer werkt het best. Laat Claude elke stap die werkt vastleggen met git, zodat je altijd terug kunt naar een versie die goed was. Meldt je browser dat de verbinding niet beveiligd is, lees dan Het slotje in je adresbalk.
Op de retraitedag is dit het werk van één dag: aan het eind staat je eerste versie online, op je eigen adres.
Gevonden worden
Geef elke pagina een eigen titel die zegt wat er staat, in de woorden waarop mensen zoeken. Lotte kiest “Lotte, fotograaf van mensen aan het werk in Haarlem”. Google raadt in zijn uitleg over titels zelf af om vage titels als “Home” te gebruiken, en een rij zoekwoorden achter elkaar werkt tegen je. Meld je site daarna aan bij Google Search Console, zodat Google weet dat hij bestaat, en zet je adres in je mailhandtekening en in je profielen op sociale media.
Reken niet op snel resultaat. Volgens Google kan het dagen tot weken duren voordat een nieuwe site gelezen is. Zoek daarna op je naam met je vak erbij. Op een algemene zoekterm als “fotograaf Haarlem” kom je niet meteen hoog, en daar gaan vaak maanden overheen. Dat zegt niets over de kwaliteit van je site.
Begin vandaag met de twee regels: voor wie je site is, en wat een bezoeker daarna moet doen. Zoek daarna drie persoonlijke sites die je aanspreken, ook buiten je vak, en schrijf bij elk op wat je er goed aan vindt. Met die regels, je eigen teksten en een handvol goede foto’s heeft een bouwer alles wat hij nodig heeft, ook als die bouwer een AI is.
Foto bovenaan: Ron Lach via Pexels